Engels oefenen
Oefen de irregular verbs en de Engelse tijden met korte rondes van 10 vragen. Na elk antwoord krijg je een korte uitleg. Voor de 1e en 2e graad secundair en voor volwassenen.
Welke tijd gebruik je?
| Tijd | Wanneer? | Signaalwoorden | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| Present simple | gewoontes en feiten | always, often, every day | She walks to school every day. |
| Present continuous | nu bezig | now, at the moment, look! | Look! He is running. |
| Past simple | afgelopen, met een tijdstip | yesterday, ago, last week | We went to Gent yesterday. |
| Present perfect | tot nu, of zonder tijdstip | since, for, ever, never, already | I have lived here for two years. |
-
Wat zijn irregular verbs?
Irregular verbs zijn Engelse werkwoorden die in de past simple en de past participle niet op -ed eindigen. Denk aan go – went – gone of buy – bought – bought. Je leert ze het best in rijtjes van drie en door ze vaak in korte rondes te herhalen.
-
Wanneer gebruik je de present perfect?
De present perfect gebruik je voor iets dat tot nu doorloopt of waarvan het tijdstip niet belangrijk is: I have lived here for two years. Noem je een afgelopen tijdstip, zoals yesterday of last week, dan gebruik je de past simple.
-
Voor welk niveau zijn deze oefeningen?
De oefeningen volgen de Vlaamse leerplannen: de basislijst en present simple of continuous voor de 1e graad, de uitgebreide lijst en de present perfect voor de 2e graad. Volwassenen krijgen alles door elkaar.
Geen vraag gevonden. Stel je vraag via het formulier.
Samen Engels oefenen?
We helpen je graag verder met bijles Engels, in Gent of online. Het kennismakingsgesprek is gratis en zonder verplichting.